Aardgas in de Nederlandse energievoorziening

Onderwerpen:

Energie in Nederland

Primair energieverbruik 63-14Het aandeel van aardgas in het primaire energiegebruik was in 2014 40%. Dit aandeel is dynamisch en zal in koude jaren hoger zijn aangezien de aardgasvraag sterk samenhangt met de buitentemperatuur. Ongeveer de helft van het aardgas wordt namelijk verbruikt voor verwarming in de gebouwde omgeving, zoals huizen, winkels en kantoren. Temperatuur heeft op transport en elektriciteitsvraag weinig tot geen effect. 39% van de energiebehoefte werd in 2014 vervuld met aardolie, wat voornamelijk gebruikt wordt in transport. 12% van de energie kwam in 2014 uit bruin- en steenkool. In 2010 was dit nog 8%. Steen- en bruinkool worden gebruikt voor het opwekken van stroom, net als hernieuwbare energiebronnen en kernenergie (1%). Hernieuwbare energie wordt in Nederland opgewekt door biomassa te verbranden in kolencentrales. Ook windenergie speelt een grote rol, en zonne-energie in mindere mate. Er is in 2014 minder hernieuwbare energie opgewekt dan in 2013 door een sterke afname van bijstook van biomassa (CBS, 2015). De laatste jaren is het aandeel hernieuwbare energie rond de 4%.

Elektriciteitsopwekking in Nederland

Elektriciteitsopwekking Nederland t/m 2013Stroom of elektriciteit is geen energiebron maar een energiedrager, het wordt eerst opgewekt met een primaire energiebron zoals wind, zon, kolen, biomassa of aardgas. Hierboven is het totaalverbruik van energie weergegeven. In 2013 werd van deze primaire energiebronnen (3242 PJ) uiteindelijk 361 PJ als stroom geleverd aan het elektriciteitsnet, ongeveer 11% (CBS, 2014). Een gedeelte ervan is verloren gegaan als warmte en een gedeelte van de warmte is benut, bijvoorbeeld in WKK’s in de landbouwsector.

Voor het opwekken van elektriciteit in Nederland is aardgas de grootste energiebron. In 2013 werd 53% van onze elektriciteit opgewekt in aardgascentrales (CBS, 2014). In 2010 was dit nog 62%. Het aandeel elektriciteit uit aardgas neemt af terwijl het gebruik van steenkool toeneemt. Dit komt met name omdat steenkoolcentrales goedkoper stroom kunnen produceren dan gascentrales. Door een lage kolenprijs en een lage prijs die energiebedrijven betalen voor hun CO2 uitstoot zijn veel gascentrales te duur om te laten draaien. Het aandeel van hernieuwbare energie in elektriciteitsproductie in 2013 was 12%.

Warmtekrachtkoppeling (WKK)

Industrie, tuinders, en energiecentrales maken vaak gebruik van warmtekrachtkoppeling (WKK). Warmtekrachtkoppeling is een technologie om uit brandstof, bijvoorbeeld aardgas, zowel warmte als elektrische energie te winnen. Door dit te combineren wordt er meer energie benut die vrijkomt bij verbranding en neemt het rendement van het proces toe. Circa 40% van de in Nederland geproduceerde elektriciteit komt uit WKK’s (Cogen). Deze WKK centrales zijn in de vorm van HRe ketels ook in opkomst in huishoudens. Op de website van Cogen, de vereniging voor WKK is meer te vinden over WKK.

Warmteopwekking in Nederland

In tegenstelling tot elektriciteit is warmte een product dat lokaal moet worden opgewekt en gebruikt. In de industrie is de grootste vraag voor warmte, waar het o.a. wordt gebruikt voor chemische en metallurgische processen. In Nederlandse huishoudens en gebouwen wordt warmte vooral benut voor opwarmen van het huis en water en om op te koken. De land- en tuinbouw moeten kassen verwarmd worden. Voor warmteopwekking wordt in Nederland voornamelijk aardgas gebruikt; zo’n 75% van de warmtebehoefte wordt met aardgas vervuld.

Aardgasverbruik per sector in Nederland

Gasverbruik Nederland 2014Het Nederlandse aardgasverbruik is al jaren stabiel tussen de 40 en de 50 miljard kubieke meter. Het grootste deel van het aardgas wordt in Nederland verbruikt in de gebouwde omgeving (voornamelijk kleinverbruik); zo’n 51%. Deze gasvraag is sterk temperatuursafhankelijk, en zal in koude winters een flink effect hebben op het totale jaarlijkse gasverbruik. De industrie in Nederland verbruikt momenteel rond de 32%, waarvan de variatie grotendeels te verklaren is door de economische conjunctuur. Het gasverbruik in elektriciteitscentrales is in 2013 15% en is met 34% afgenomen ten opzichte van 2010.

Aardgas in het kleinverbruik

Energieverbruik huishoudens 2010Huishoudens en kantoren (kleinverbruikers) hebben zowel een aansluiting voor elektriciteit als voor aardgas. 98% van de Nederlanders is aangesloten op het gasnet. Vergeleken met de gasvraag van andere Europese landen is dit naast Luxemburg het hoogst per hoofd van de bevolking (Netbeheer Nederland, 2011).

Direct verbruik van aardgas vervult de behoefte van de warmtevraag; voor (centrale) verwarming, warm water en het fornuis. Ook biomassa wordt direct gebruikt, bijvoorbeeld in de vorm van hout in de open haard. Indirect aardgasverbruik komt vanuit een behoefte aan elektriciteit waarvan een gedeelte ervan weer door aardgas wordt opgewekt. Ruim 80% van onze energiebehoefte wordt zo vervuld met direct en indirect aardgasgebruik (Energietransitiemodel.nl). Indirect wordt er ook steenkool, kernenergie en hernieuwbare energie gebruikt in huishoudens in de vorm van elektriciteit.

Aardgas in de industrie

Aardgas is ook de grootste bron van energie voor de Nederlandse industrie. De grootste behoefte aan energie is in de vorm van warmte, waar in Nederland in tegenstelling tot andere Europese landen geen gebruik wordt gemaakt van kolen of stookolie. Er wordt veel gebruik gemaakt van WKK centrales in de Nederlandse industrie, waarbij lokaal warmte en elektriciteit worden opgewekt met aardgas.

Daarnaast dient aardgas als belangrijke grondstof voor de petrochemische industrie, zo’n 9% van al het aardgasverbruik in Nederland wordt daarvoor gebruikt. Aardgas wordt bijvoorbeeld gebruikt voor het maken van ammoniak, wat op zijn beurt weer een grondstof is voor het maken van kunstmest.

Aardgas in de land- en tuinbouw

In de agrarische sector wordt er hoofdzakelijk aardgas gebruikt als energiebron. Het is zo’n 9% van het totale eindverbruik van aardgas. De glastuinbouw verbruikt verreweg het meeste aardgas binnen deze sector. Het gebruik van aardgas wordt in de agrarische sector steeds efficiënter, veel boerenbedrijven gebruiken gasmotoren waarmee tegelijkertijd elektriciteit en warmte wordt opgewekt. Dit is warmtekrachtkoppeling (WKK).

Het is mogelijk om duurzaam groen gas bij te mengen met aardgas. Groen gas wordt gemaakt uit biologisch afval zoals GFT of restafval uit de landbouw, en is van aardgaskwaliteit. Certificering van groen gas in Nederland is geregeld door Vertogas, een dochteronderneming van Gasunie, de eigenaar en beheerder van de gasinfrastructuur. Voor bijmenging van groen gas is een gastransportnetwerk van groot belang. Hoewel het nog niet zonder subsidie kan bestaan zijn er verwachtingen dat in 2020 het aandeel groen gas in de Nederlandse gaslevering 5% is (Vertogas, 2012). Dat staat gelijk aan het gasverbruik van meer dan een miljoen huishoudens. Door ontwikkelingen in de technologie kan dat in de toekomst meer worden, net als bij andere vormen van hernieuwbare energie.  Meer over groen gas leest u hier.

Rijden op aardgas

AardgasbusAardgas is goed bruikbaar als transportbrandstof. Dankzij de relatief schone verbranding zijn auto’s en bussen op aardgas de laatste jaren sterk in opkomst. De bussen van het openbaar vervoer in gemeenten waaronder Den Haag en Haarlem rijden op aardgas, waardoor er minder sprake is van uitstof van fijnstof in deze stadscentra.

De Nederlandse overheid stimuleert rijden op aardgas actief met accijnsverlaging en andere speciale regelingen. Het aantal aardgastankstations in Nederland is de afgelopen jaren hard gestegen, waardoor het in alle delen van Nederland beschikbaar is. Daar wordt het gas meestal onder hoge druk geleverd als CNG (Compressed Natural Gas). Een auto op gas rijdt bijna hetzelfde als iedere andere auto. Een voordeel is dat een auto rijdend op aardgas heel stil is.

Hiernaast zijn er initiatieven waarbij LNG (vloeibaar gemaakt aardgas) wordt gebruikt om de scheepvaart en het vrachtverkeer schoner te maken. Ook LNG is namelijk in de verbranding efficiënter en milieuvriendelijker dan diesel of stookolie.

Ook de Europese Unie (EU) ziet rijden op aardgas als een belangrijk middel om de uitstoot van schadelijke toxische en broeikasgassen te verminderen. De EU wil dat in 2020 10% van alle transport aardgas als brandstof gebruikt. Om dit te bereiken stelt de EU vele miljoenen euro’s beschikbaar om het rijden op aardgas te stimuleren.